10 VRAGEN AAN... MARC LAMMERS
MARC LAMMERS
hockeycoach en hardloper voor Sanrise Foundation
Hockeycoach Marc Lammers (1969) leidde het nationale damesteam op de laatste Olympische Spelen (Peking) naar de gouden medaille. Dit jaar loopt hij de NYC Marathon voor een project in Namibië van de Sanrise Foundation. Lammers staat bekend om de vele innovaties die hij invoert bij het coachen. Nu verzorgt hij met zijn eigen bedrijf trainingen en presentaties voor verschillende organisaties. Hardlopen is niet zijn favoriete sport, maar met zijn vrouw traint hij gemiddeld één keer per week.
1. Waarom bent u gaan hardlopen?
Na de Olympische Spelen hing Will Döll (voorzitter Sanrise Foundation, red.) al snel aan de lijn of ik voor de stichting een keer mee wilde doen aan de marathon in New York. Aan hardlopen had ik als hockeyspeler altijd een grote hekel, maar ik wilde dit goede doel toch sportief steunen. Mijn vrouw loopt al jaren en in de weekenden ben ik sinds een jaar met haar mee gaan trainen.
2. Wat is uw doelstelling voor de NYC Marathon?
Het is de eerste en waarschijnlijk de laatste keer dat ik een marathon loop. Doel is te zorgen dat ik de marathon uitloop en dat ik heel blijf. Dat is al een aardige uitdaging. Wat tijd betreft finish ik graag binnen de vijf uur. Mijn vrouw loopt nu niet mee, maar staat langs de kant als supporter.
3. Hoe bereidt u zich voor op een wedstrijd?
In het weekend doe ik een duurloop. Verder loop ik soms naar het hockeyveld, dat zijn kleinere stukjes. Vorige week heb ik zesentwintig kilometer gedaan en zo vlak voor het evenement doe ik wat rustiger aan en let ik vooral op goede voeding.
4. Wat is de mooiste innovatie uit de hardloopsport?
Dat je alles op een horloge bij kunt houden terwijl je bezig bent. Hoe ver je loopt, hoe hard je loopt en hoe lang je loopt. Allemaal dankzij zo’n klein ding in je schoen.
5. Waar beleeft u het meeste plezier aan als u hardloopt?
Als je weer thuiskomt. Je merkt na de inspanning al vrij snel dat het echt goed voor je is. In mijn werk merk ik het ook: ik ben beter geconcentreerd, heb meer reactievermogen en voel me fitter. Wie weet blijf ik na de marathon wel doorlopen.
6. Hoe pept u zich op als u geen zin hebt om te trainen?
Meestal geeft mijn vrouw het laatste zetje. Verder vind ik het vervelend om een rondje te lopen, dus loop ik zo vaak mogelijk ergens naartoe. Soms naar vrienden of de sportclub. Met muziek lopen zorgt ervoor dat de tijd snel gaat, dus daar ben ik ook erg blij mee.
7. Heeft u één of meerdere looprituelen?
In mijn vrije tijd houd ik ervan om te klussen. Als ik het moeilijk krijg denk ik niet aan mijn lichaam, maar bijvoorbeeld aan hoe ik het kastje van mijn dochter in elkaar ga zetten. Dat soort dingen helpen als afleiding erg goed heb ik gemerkt.
8. Wat maakt hardlopen zo populair?
Het is gezond en je voelt je beter. Bovendien heb je bijna niets nodig en met een drukke agenda is het prettig dat je zelf je tijd kunt indelen. Verder is het individueel: als je met sporten in teamverband niet meer goed mee kunt, kun je wel nog jaren in je eigen tempo blijven hardlopen.
9. Op welke loopprestatie bent u het meest trots?
Op het CIOS in Arnhem heb ik ooit een halve marathon moeten lopen. Dat was in 1989 en ik ben toen gefinisht in één uur en veertig minuten. Daar was ik best tevreden mee.
10. Heeft u een favoriet loopevenement?
Dat wordt de marathon van New York hoop ik. Van iedereen hoor ik zo veel goede verhalen dat ik er vol verwachting naar toe reis. Misschien is het wel zo leuk dat ik nog een keer ga, maar eerst wil ik deze keer gezond over de finish komen.


Terug naar het INTERVIEWOVERZICHT
|